Tuesday, 5 January 2016

Geen pompen want de Zuyderzeedijk is sterker dan gedacht

De minister van Infrastructuur en Milieu heeft een dubbelbesluit genomen: 1. Er komen geen pompen om het waterpeil in het Markermeer te beheersen omdat de dijk sterk genoeg is; 2. Het onderzoek naar ‘bewezen sterkte’ wordt voortgezet, dit kan leiden tot het wegvallen van de reden voor grootschalige dijkverzwaring.

De voorgeschiedenis
In 2006 heeft Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) de Markermeerdijk tussen Hoorn en Amsterdam afgekeurd, voor 90% op instabiliteit. Dit hield in dat de dijk niet bestand zou zijn tegen een langdurig extreem hoge waterstand in het Markermeer. De dijk zou na 6 weken doorweekt kunnen raken met het risico van inzakken aan de binnenzijde. Als oplossing voor dit probleem wilde HHNK grootschalige dijklichamen vóór de huidige dijk aanleggen wat ca. € 360 mln zou gaan kosten. Een Adviesgroep bestaande uit bewoners en andere belanghebbenden werd  in het leven geroepen om dit proces te begeleiden. Herhaalde vragen van deze Adviesgroep om het nut en de noodzaak van de geplande dijkverzwaring met harde gegevens aan te tonen werden door HHNK niet beantwoord. De  Adviesgroep heeft daarom in 2015 contact gezocht met het Ministerie van I&M (Rijkswaterstaat). Na twee bijeenkomsten besloot de minister om een onderzoek in te stellen naar pompen als alternatief voor dijkverzwaring en riep ze een begeleidingsgroep in het leven met ingenieurs van Rijkswaterstaat, mensen van het HHNK en drie bewoners uit de Adviesgroep. Het doel was te onderzoeken of pompen het waterpeil op een veilig niveau konden houden en een inschatting van de kosten te maken. Op aangeven van het Expertise Netwerk Waterveiligheid is aanvullend ‘bewezen sterkte’ onderzocht.

Waarom is de dijk sterker dan gedacht en zijn pompen niet nodig?
Gebleken is dat door de dichte slib- en kleilaag op de bodem van het Markermeer, de samenstelling van de ondergrond van de dijk en de aanwezigheid van klei in de dijk er nauwelijks water in de dijk dringt. Een hoog waterpeil heeft daarom weinig effect op de stabiliteit van de dijk. Ook is gebleken dat een langdurig hoog peil weinig effect op het dijklichaam heeft omdat het waterpeil in de dijk zelf van nature al hoog staat. De conclusie van het rapport is dat pompen voor peilverlaging kunnen zorgen maar daarmee bij nader inzien een niet bestaand probleem zouden oplossen.

Dijk is sterker dan modellen voorspellen: "bewezen sterkte"
Bekend was dat de dijk in 1998 een waterpeil van 60cm hoger dan normaal langdurig en zonder noemenswaardige schade had weerstaan. Deze doorstane belasting is niet verwerkt in de reken-modellen van HHNK die juist voorspelden dat de dijk in 1998 had moeten bezwijken. Het punt is dat de rekenmodellen van  HHNK een grote marge voor onzekerheden kennen. Om altijd aan de veilige kant te zitten wordt een dijk daardoor sneller afgekeurd en, zodra afgekeurd, extra zwaar versterkt. Dat deze dijk het in 1998 echter met gemak heeft gehouden was voor Rijkswaterstaat aanleiding tot een vervolgonderzoek en een nieuwe rekensystematiek met als uitgangspunt de ‘bewezen sterkte’.  Gebleken is nu dat de stabiliteit van de dijk ongevoelig is voor de hoogte van het waterpeil. De Minister heeft opdracht gegeven om vanuit ‘bewezen sterkte’ nauwkeuriger te berekenen hoe sterk de dijk nu eigenlijk is.

Voorbeeld van een dijkdoorsnede van de Markermeerdijk tussen Hoorn en Amsterdam met de waterniveau’s bij dagelijkse omstandigheden (lichtblauw) en bij extreem waterpeil (donkerblauw).

Experts zeggen: “Wees voorzichtig met ingrepen aan dijk!”
Opmerkelijk is dat het ENW (Expertise Netwerk Waterveiligheid) in het rapport waarschuwt voor ingrepen aan de dijk, zoals het deels afgraven van voorland (bijvoorbeeld bij het aanleggen van een oeverdijk) of het verwijderen van de afdichtende sliblaag. De geringe doorlatendheid van de bodem blijkt cruciaal te zijn voor ‘bewezen sterkte’. Als HHNK grote en zware dijklichamen zou aanleggen vóór de huidige dijk zouden deze de huidige dijk juist kunnen verzwakken in plaats van versterken.

Bewoners zijn tevreden over de resultaten
De Vereniging tot Behoud van het Noordeinde en de Zuyderzeedijk Alliantie kunnen zich goed vinden in de uitkomsten van het onderzoek. De werkwijze van “joint fact finding” (alle kennis en uitkomsten van berekeningen direct met alle leden van de begeleidingsgroep delen) heeft  goed gewerkt. De drie bewoners die deel uitmaken van de begeleidingsgroep blijven betrokken bij het verdere onderzoek naar de sterkte van de dijk uitgaande van het principe “bewezen sterkte”. Topingenieur Harold van Waveren van Rijkswaterstaat spreekt hierbij van een “wetenschappelijke doorbraak”. Als de nieuwe rekenmethodiek succes heeft, zal deze nationaal en internationaal toepassing vinden. Dit kan veel belastinggeld besparen. Wij danken alle mensen die hebben bijgedragen aan dit mooie dijkresultaat.

Namens de VBN: Wim Tuijp en John Kluessien